Alle dromen van de wereld
‘“Zal ik het je zeggen?” vraagt Bacchus, de ketterse theaterdirecteur, met een sluw lachje. “Zal ik je zeggen waar Polen ligt?”
“Nou?”
“Vertrek bij de achterdeur van Eden, daar waar God de al te ijverigen een trap onder hun kont geeft, loop dan een paar eeuwen, en onderweg kom je, als je een beetje mazzel hebt, Polen tegen, als het intussen tenminste niet helemaal is opgegaan in zijn eigen schaduw.”
“Het verhaal van Polen is dat van de verdrijving uit het paradijs,” besloot ik.’
Op 1 mei 2004 treedt Polen toe tot de Europese Unie. In Alle dromen van de wereld brengt Johan de Boose op persoonlijke wijze verslag uit van zijn reizen door het land. Hij doorkruist het vele malen en spreekt met de Nobelprijswinnaars Czeslaw Milosz en Wislawa Szymborska, met ministers, boeren en clochards en met studenten. Zo ontstaat een verhaal van triomf en tragiek, van vrijheidsdrang en geknechte geesten – een zoektocht naar de diamant die in de as van de geschiedenis verborgen zit.
Onze kennis over Polen blijft veelal beperkt tot Auschwitz, Chopin, Lech Walesa en paus Johannes Paulus II. Johan de Boose laat in zijn boek zien dat er aanzienlijk meer te zeggen is over het land dat ooit de tolerantste natie van heel Europa was.


